Ik heb geen gelijk
ik ben achter mijn brein gaan staan
de kruimels veegde ik de tafel af
de koffiedras bleek zwarter bruin
woorden werden schots en schuin
ik heb geen gelijk

niets eenvoudiger dan schrijven
de wereld bekijken door een droom
aan tafel bij een proper raam
het vuur op waakvlam laten staan
ik heb geen gelijk

ik zie de stoet der goeden hopen
de bende willozen blijven staan
groet lichtgevende denkers krom en grijs
een lachende meute niet stom of wijs
ik heb geen gelijk

zware boeken heb ik licht gelezen
rechte zinnen krom verstaan
 om de lach een streep getrokken
het werk van dagen uitgerokken
ik heb geen gelijk

snoelaas bracht me niet wat zoets
het zwoele lichaam slechts de nacht
ik ben niet droef, ik ben niet kwaad
en laat de deur die open staat
ik heb geen gelijk

gedichten